17mrt

Comments closed
17MRT
by Nathalie Verpaalen Comments closed

17 maart 2015:

 

Verzoek klinische contra-expertise toegewezen in de moordzaak contra Admilson R. 

 

De Rechtbank Noord-Nederland, locatie Assen heeft op dinsdag 17 maart 2015 het verzoek van de verdediging van Admilson en Marcos R., tot het uitvoeren van een klinische contra-expertise, toegewezen. De broers zullen daarvoor in de komende maanden ter observatie worden geplaatst in het Penitentiair Psychiatrisch Centrum in de Penitentiaire Inrichting te Vught.

 

Het voorgaande is een absolute doorbraak in de effectuering van het recht op contra-expertise aan de zijde van de verdediging, en verdient extra uitleg.

 

Wanneer in een strafzaak vraagtekens bestaan over de psychische gesteldheid van de verdachte ten tijde van het strafbare feit, kan de behoefte bestaan een verdachte te onderwerpen aan psychologisch en psychiatrisch onderzoek. Dit onderzoek (pro justitia) kan ambulant uitgevoerd worden, waarbij de verdachte een aantal keer wordt bezocht door de deskundigen c.q. rapporteurs, en waarna een rapport wordt uitgebracht.

 

Daarnaast kan het pro justitia onderzoek klinisch worden uitgevoerd, waarbij de verdachte wordt opgenomen in een daartoe aangewezen inrichting ter observatie. Op dat moment wordt de verdachte ook wel observandus genoemd. De meest bekende vorm van een klinisch pro justitia onderzoek is door middel van opname in het NIFP, locatie Pieter Baan Centrum te Utrecht. Aldaar wordt de verdachte / observandus gedurende zeven weken geobserveerd door een multidisciplinair team bestaande uit een milieu-onderzoeker, psychiater, psycholoog, jurist en andere deskundigen, waarna zij rapporteren over hun bedingingen.

 

Feit is, dat wanneer een rapportage van het Pieter Baan Centrum door de verdediging wordt bekritiseerd en zijdens de verdediging behoefte bestaat aan een contra-expertise, de vraag automatisch ontstaat hoe die contra-expertise uitgevoerd moet gaan worden. Een ambulant onderzoek legt vanzelfsprekend weinig gewicht in de schaal ten opzichte van een rapportage van het Pieter Baan Centrum als gevolg van een zeven weken durende observatie.

 

In Nederland bestaat echter geen bestaand instituut dat als gelijke kan gelden voor het Pieter Baan Centrum. Het uitvoeren van een contra-expertise naar aanleiding van een opname in het Pieter Baan Centrum is daarom een complexe onderneming, omdat gezocht moet worden naar een instituut dat de observatie kan gaan uitvoeren en waarbij het onderzoeksrapport dan van gelijke waarde wordt als het rapport van het Pieter Baan Centrum.

 

In onderhavige zaak hebben de advocaten van Admilson en Marcos R. daarom al in november 2014 de handen ineengeslagen om een klinische contra-expertise mogelijk te maken, welke als gelijke kon gaan dienen voor de observatie van het Pieter Baan Centrum. Baanbrekend, omdat dit slechts een keer eerder in Nederland is uitgevoerd in de Amsterdamse Zedenzaak contra Robert M.

 

Robert M. is toentertijd opgenomen in Forensisch Psychiatrisch Centrum Oldenkotte te Rekken. Feit is echter dat die kliniek nu gesloten is, en het ook maar de vraag was of die kliniek überhaupt plaats zou hebben voor twee observandi. Feit is immers dat Admilson en Marcos R. tegelijkertijd geobserveerd dienden te worden om de relatie tussen beide broers goed te kunnen waarnemen. Dit, samen met het feit dat één van de broers als vluchtgevaarlijk wordt beschouwd, maakte een klinische contra expertise enkel moeilijker.

 

De raadslieden hebben uiteindelijk de Penitentiaire Inrichting te Vught bereid gevonden om een contra-expertise mogelijk te maken binnen het Penitentiair Psychiatrisch Centrum gedurende een periode (van wellicht zelfs) drie maanden. In die periode zullen de door de rechter-commissaris, op verzoek van de verdediging aangewezen deskundigen rapporteren over de broers, waarna een triple-rapportage zal worden uitgebracht.

 

Het Nederlands Instituut voor Forensische Psychologie en Psychiatrie stelde uiteindelijk dat het voorgaande onderzoek wellicht niet hetzelfde was al het onderzoek in het Pieter Baan Centrum, maar dat het qua kwaliteit daarvoor niet onder doet. Kortom: een enorme stap voor de verdediging in Nederlandse strafzaken, waarbij een klinische contra-expertise binnen een Huis van Bewaring mogelijk wordt gemaakt.

 

De zaak wordt mogelijk in oktober 2015 inhoudelijk behandeld.

 

Comments are closed.